Nieuwsbrief

Schrijf u in voor de nieuwsbrief.







colofoncontactadverteerdersabonnement

Saba in een dag Afdrukken E-mail
Geschreven door Yvette Cramer   
Friday 10 July 2009
kronkelwegvanafvliegveld.jpgAls een groen fluwelen uitgebluste vulkaan doemt Saba voor je op als je aan komt vliegen. Ga vooral aan de rechterkant zitten in het Winair-vliegtuigje. Dan beleef je de spectaculaire landing het meest intensief.

Met twee reisgenoten sta ik na een vertraging van enkele uren en een vlucht van nog geen twintig minuten vanaf Sint Maarten op het vliegveld van Saba. De koffers van overige passagiers worden op de veranda van het luchthaventje neergezet en bij het loket laten we onze paspoorten zien. Ik bekijk de landingsbaan eens goed. Nog geen vierhonderd meter lang en aan beide kanten ervan gaat het steil naar beneden. Er kunnen dus alleen kleine vliegtuigjes landen met piloten die het hoofd koel kunnen houden. Want ze vliegen recht op de steile bergrug af en maken op het allerlaatste moment een draai naar links. Zodra de wielen de grond raken, gaat het vliegtuig diep in de remmen. Even geeft dat een oorverdovend lawaai. Daarna keert de rust weer terug. Er staat een lekkere bries en Saba is nog gehuld in een lichte wolkennevel.

Buiten spreekt Joanna ons meteen aan. Zij is taxichauffeur en heeft haar busje vol met passagiers. ‘Waar willen jullie naar toe?' vraagt ze in het Engels. We leggen uit dat we naar de top van de Mount Scenery willen en ergens in de buurt van Windward side afgezet willen worden.
‘Geen probleem. Ik zet jullie wel af bij Rendez Vous, dan kun je naar de top lopen en terug naar Windwardside. Waar verblijven jullie?'

Als ze hoort dat we dagjesmensen zijn, kijkt ze daar niet van op. Saba wordt vaak door dagjesmensen bezocht vanaf een van de omringende eilanden, ook al kun je er best meer daagjes verblijven. Praktisch als ze is, wil Joanna weten hoe laat ons vliegtuig gaat en biedt aan ons aan het eind van de dag te halen. We hoeven ook dan pas te betalen. Via een weg vol haarspeldbochten klimmen we vanaf het vliegveld omhoog naar het plaatsje Windwardside. De weg loopt dood en daar zet Joanne ons af. ‘Hier naar beneden is de ecolodge. Daar kun je lunchen en dan naar beneden lopen naar Windwardside. Rechts naar boven loop je naar de top van de Mount Scenery. Veel succes!'

wandelaars.jpgIs het leven zo simpel?
We besluiten met het oog op de tijd eerst te lunchen bij de ecolodge. Dit is een geheel milieuvriendelijk gerund hotel met cottages midden in een groen woud tegen de berghelling. Het is er paradijselijk. En je hoeft niet eens op luxe in te leveren. Er is zelfs een ecologisch onderhouden zwembad. En een sauna en een hot tub! We eten een broodje ham, kopen een flesje water en gaan op pad.
Maar dan begint het te regenen. Een korte tropische bui die amper verkoeling brengt. Daarom besluiten we toch op stap te gaan en lopen het dampige tropische bos in. We kijken onze ogen uit. Hier zijn we dan op Saba! In een woud vol met de meest exotische planten. We zien orchideeën, bromelia, mangobomen, reuzenvarens, Suzanne met de mooie ogen - de nationale bloem van Saba - en olifantsoren.
Van die laatste plant dienen de bladeren wel als paraplu als het hard regent. Het pad naar boven bestaat uit cementen traptreden. Als het droog is, klimt dat comfortabel. Maar met regen is het een glibberige glijbaan. We komen onderweg wandelaars tegen die onder de modder zitten. Vooral het laatste stuk is bijna niet te doen onder deze weersomstandigheden. Toch zetten we door. Want als het lukt, staan we wel op de hoogste berg van het Nederlands Koninkrijk! 877 meter hoog, ruim 1064 traptreden!

De weg naar beneden blijkt moeilijker dan naar boven. Want het is glad en we moeten uitkijken dat we niet onderuit gaan op onze modieuze sneakertjes. Ik verfoei mezelf dat ik mijn wandelstokken niet bij me heb, en mijn bergschoenen niet aan heb. Dat is geen overbodige luxe op deze steile berg.
Bij de ecolodge komen we nieuwe wandelaars tegen. Er heerst een echt bergwandelsfeertje. We wisselen informatie uit over de omstandigheden op de berg, die nog steeds onzichtbaar in de nevelen is gehuld. De wandelaars komen overal vandaan, uit Canada, Amerika, Frankrijk. Heel internationaal.
We wandelen verder naar beneden door een schaduwrijk bos en komen dan uit in een sprookjesachtig plaatsje. Je waant je een beetje in de Engelse heuvelen. Popperige wit geverfde huisjes met houtsnijwerk aan de rode daken. De luiken in minttinten. We dwalen door de smalle, met stenen muren omgeven straten op zoek naar een cafe om bij te komen van onze speed-wandeling. We hebben immers maar een dag.

Als we eindelijk op een heerlijk terras zitten met uitzicht op de groene heuvels, de zee en de rode daken van het dorp, proeven we een beetje aan de sfeer van dit oaseachtige eiland. Hier kom je tot rust. Het is er sereen stil, zeker rond lunchtijd. Toeristen komen hier om te onthaasten, te wandelen en te duiken. De onderwaterwereld is een van de mooiste en oorspronkelijkste van het gebied. Saba heeft al het water om het eiland tot natuurgebied verklaard. Je kunt hier dus rustig langer blijven, want je hoeft hier helemaal niets als je niet wilt. De groene natuur geeft je voldoende inspiratie.

We vinden het toeristenbureau en hebben een gezellig gesprek met de directeur Glenn Holm. Hij schrijft voor ons de certificates of achievement uit, die uitgereikt worden als je de Mount Scenery hebt beklommen. Kijk, dat is toch een leuke herinnering! En omdat hij de stempel met een handtekening niet kon vinden, schrijft hij er zijn eigen handtekening onder.
Hij vertelt ondertussen over de typische Sabaanse huisvlijt, het kantwerk, en het typische Sabaanse likeurtje dat naar alcoholhoudend dropwater smaakt. Iedereen maakt het volgens een eigen recept, maar er zit onder meer tijm en anijs in. En rum natuurlijk.

We besluiten op zoek te gaan naar deze typische producten en kloppen aan bij een huis met een bord. Er wordt open gedaan door een oude dame die helaas geen likeur verkoopt. Dat doet haar huisgenote, maar die is er niet. Ze heeft wel kantwerk en laat me wat zien. Ik wil een kleedje kopen, maar dan blijkt dat ze niet kan wisselen van 20 dollar. En geen van mijn reisgenoten kan kleiner geld geven. Tot mijn grote spijt kan ik het mooie kleedje niet meenemen en we nemen afscheid.

thebottom-saba.jpgLiftend gaan we naar The Bottom, de hoofdstad van het kleine eiland. We hadden gelezen dat eilandbewoners je graag meenemen naar een volgend plaatsje, en dat blijkt inderdaad goed te werken. Want ook al zijn er maar twee wegen - aangelegd door een Sabaans ingenieur die een eigen constructie ontwikkelde voor deze wegen - lopend zijn de afstanden tussen de dorpjes net te ver.

The Bottom ligt aan de zuidwest kant van het eiland, in de krater van een oude vulkaan die Saba in feite is. Het is er duidelijk warmer en droger. Hier geen vochtige nevels, maar een helderblauwe lucht. We dwalen hier rond in het compacte, rustige stadje waar alle regeringsgebouwen zijn gevestigd. Het politiebureau, het gouvernementsgebouw, de gouverneurswoning. We bezoeken onder andere de katholieke kerk die een bont beschilderd middenschip heeft, verwonderen ons over de rijke natuur. Er staan vruchtbomen langs de kant van de weg, waar je bij wijze van spreken zo de rijpe vruchten vanaf kunt plukken. Mango's, cashews, banaan.

Aan het eind van de middag drinken we een flesje Ting bij een café met een chinese uitbater. De kerstversiering hangt nog aan de plafonds en er klinkt het Nederlandse lied uit de jukebox. Nostalgie van een toerist? Of uiting van de loyaliteit van de eilandbewoners aan Nederland. Want ook al wordt hier Engels gesproken, men is erg Nederlandsgezind. Men wil graag een gemeente zijn van Nederland. Men houdt van het koningshuis. Wie we ook spreken, iedereen heeft wel een verhaal over een familielid die de hand van koningin Beatrix of haar moeder Koningin Juliana geschud heeft. Of met vlaggetjes het koninklijk bezoek heeft binnengehaald, of uit volle borst het Nederlandse volkslied heeft gezongen.

Ik bel Joanna dat ze ons kan komen ophalen in The Bottom bij het Chinese café. Maar ze kan ons niet zo gauw vinden. Ze heeft een paar keer aan wat bewoners moeten vragen of zij drie Nederlanders hebben gezien en dan lukt het snel om ons te lokaliseren. Want vreemden, en zeker van die haastige journalisten met camera's en harde stemmen, vallen meteen op in de kleine gemeenschap. Ze brengt ons keurig op tijd bij het vliegveld waar het laatste vliegtuig ook keurig op tijd vertrekt. Het waait nog steeds als we instappen en de kale heuvels doen me denken aan de Alpen op 2500 meter. Vanuit dit berggebied vliegen we terug naar het metropolitische St Maarten. Een groter contrast is bijna niet denkbaar!

Saba: vanaf St Maarten gaan er dagelijks vluchten met Winair. Meestal gaan de vliegtuigen op tijd, maar soms moet je rekening houden met vertraging. Een retourvlucht kost inclusief taxes zo'n 90 euro.

Op Saba kun je in verblijven in paradijselijke lodges of B&B's. Juliana's Hotel is een bekend hotel, Ecolodge Rendez Vouz, El momo Cottages, The Cottage Club zijn enkele mogelijkheden

Voor duiken is Saba een prima bestemming. Er zijn enkele duikcentra en er heerst een relaxt alternatief surfsfeertje.

Saba Tourist office zit in Windwardside, www.sabatourism.com

 
< Vorige   Volgende >